De
Jacob van Lennep is een Utrechtse trekschuit gebouwd in 1888. Met de restauratie
van dit schip wordt de geschiedenis van het wereld beroemde Hollandse
trekvaart systeem weer tot leven gebracht.
De Jacob van Lennep
is geschikt voor gezelschappen, van 15 tot 40 gasten.
In de klassieke salon,
met zijn "schrootjes" betimmering , kunnen uw gasten een van
de oudste vormen van vervoer ervaren. Vanuit de salon heeft u een prachtig
uitzicht op het water van de stad Amsterdam en omgeving. Bij gunstige
weersomstandigheden kan zelfs het dak en zijkanten geopend worden.
Uiteraard is het
schip voorzien van alle moderne comfort zoals scheepsbar, w.c., verwarming,
muziek installatie etc.en kan de inrichting voor elke gelegenheid worden
aangepast.
Vraag dit schip nu aan!
Geschiedenis
Omstreeks 1700 beschikten het waterrijke westen en noorden van Nederland
over een uniek transportsysteem, en dit type binnenschip vormde er de
kern van. De trekschuit heeft er zelfs in niet onbelangrijke mate aan
bijgedragen dat de Republiek zich in de 17de eeuw ontwikkelde tot het
welvarendste land van Europa. Vooral buitenlanders wisten het comfortabele
vervoermiddel te waarderen.
In 1697 schreef de
Engelsman Francis Child: ‘Als de bel luidt vertrekt het schip, ook
al is er op dat moment geen passagier aan boord. Het is een aangename
manier van reizen; en het tempo is zo gelijkmatig, dat als je van Den
Haag naar Amsterdam reist, je er bijna altijd op kunt rekenen op tijd
aan te komen’.
Het succes van de
trekschuit was echter één van de redenen dat Nederland,
vergeleken met de omringende landen, pas betrrekkelijk laat begon met
het aanleggen van spoorwegen. De schuit had altijd uitstekend voldaan;
waarom dan ineens zo’n dure trein?
Trekvaarten waren
gemiddeld 18 meter breed en 2,5 meter diep.
Ze werden meestal gegraven tussen twee steden, in rechte lijn en
zonder de tussenliggende dorpen aan te doen net zoals moderne autosnelwegen
dus.
Aan weerszijden van
de vaart lag een iets opgehoogde oever, waarvan er één breed
genoeg was voor een jaagpad: 6 à 7 meter. De bemanning bestond
uit drie personen. De schipper hield het roer; de knecht moest niet alleen
op de passagiers letten, maar stond bij het naderen van een brug op de
roef om tijdig het touw los te maken waarmee een paard de schuit voorttrok.
Na het passeren van de brug diende hij het weer vast te maken. De jager
ten slotte zat op het paard. Meestal was het een jongen, al verboden de
reglementen van de trekschuit voor dit werk kinderen onder de acht in
te zetten. De jagersjongen droeg een hoorn om tegemoetkomende schepen
te waarschuwen.
bron: 20 Eeuwen Nederland (zie
website)
Technische
gegevens van de Jacob van Lennep:
Lengte 17,10 m
Breedte 3,40 m
Voorstuwing: Diesel/Elektrisch |